Home » Zoek resultaten voor 'gemeente'

Zoekresultaten voor: gemeente

Bericht van de gemeente: Financieel hulppakket van start

Op dinsdag 11 oktober heeft de gemeente Groningen een tijdelijk financieel hulppakket gepresenteerd. In dit hulppakket staan maatregelen om inwoners met een laag inkomen tegemoet te komen. Het financiële hulppakket komt bovenop de maatregelen die het Rijk onlangs bekend maakte. 

De uitvoering van de eerste maatregel start deze week: extra energietoeslag. De gemeente wil de maatregel snel, maar wel zorgvuldig uitvoeren. De gemeenteraad besluit 2 november over de rest van de maatregelen. Hou daarom de komende weken www.gemeente.groningen.nl/hulppakket in de gaten. Zodra er meer informatie of een nieuwe maatregel is dan staat dit op deze website. 

Extra energietoeslag
Voor inwoners met een laag inkomen die energietoeslag van 1.300 euro hebben ontvangen komt een extra energietoeslag. Dit is een eenmalig bedrag van 200 euro. Heb u al de energietoeslag van 1.300 euro ontvangen? Dan hoeft u niets te doen. De extra 200 euro komt automatisch voor 4 november op uw rekening te staan. 

Aanvragen energietoeslag
Hebt u een laag inkomen en nog geen energietoeslag aangevraagd? Dan kunt u dit nog doen tot en met 31 december 2022. De voorwaarden en het aanvraagformulier vindt u op onze website.
Weet u niet of u in aanmerking komt of wilt u hulp bij het aanvragen? Dan kunt u terecht bij het WIJ team in uw buurt (dat is voor de Badstratenbuurt WIJ rivierenbuurt). 

Moeite met rondkomen
Komt u niet in aanmerking voor deze regeling? En heeft u toch moeite om rond te komen door de sterk gestegen prijzen voor energie? Dan kunt u misschien wel in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. U kunt altijd terecht voor advies over uw financiële situatie tijdens het inloopspreekuur bij de Groningse Kredietbank. Ze zijn er voor iedereen. Ze geven u inzicht en overzicht in uw financiën. Ook kijken ze samen met u voor welke regelingen u eventueel in aanmerking komt.
Voor advies over het besparen van energie zijn er verschillende mogelijkheden. Zoals een afspraak met een gratis energiecoach. Meer weten?

Gemeente

Hier vindt u informatie over onze buurt. Al deze links brengen u op de website van de gemeente Groningen.

Melding milieuhinder (gemeente en provincie)
Wijken Groningen (algemeen)
Afvalwijzer
Melden overlast en zorg
Overzicht gedane meldingen (via website Slim Melden)
Overzicht vergunningen (niet meer op kaart) 
Stadsnieuws (aanmelden voor nieuwsbrieven)
Parkeren

Stembusuitslagen gemeenteraadsverkiezingen 2022

Vanwege de Corona beperkingen (ten tijde van het bepalen van de geschiktheid van locaties) kon er bij deze gemeenteraadsverkiezingen niet in het Badhuis worden gestemd. De redactie van de website heeft de resultaten van de twee meest nabije alternatieven nagezocht en vergeleken met de uitslagen van het Badhuis (en de gehele gemeente) in 2018.
De twee stembureau’s zijn bij de Groninger Archieven in het Cascadecomplex en in de St. Martinuskerk in de Witte de Withstraat.

Via de link kun je de resultaten zien. Verschillen tussen buurt en hele gemeente zijn er altijd te zien, maar ook tussen beide stembureau’s (zie de gele markeringen) ! 

  • De opkomst was bij de Groninger Archieven maar 32,3% en bij de St. Martinuskerk 2 maal zoveel 64,6%. De hele gemeente behaalde 54,4%.
  • PvdA scoorde in de St. Martinuskerk lager dan in 2018 in het Badhuis, maar in de Groninger Archieven hoger. Voor de hele gemeente was het percentage ook lager dan in 2018.
  • D66 bleef in de gemeente op sterke, maar verloor in de beide stembureau’s t.o.v. 2018.
  • CDA steeg in beide stembureau’s, terwijl ze gemeentelijk gelijk bleven.
  • De combi Stadspartij 100% Groningen scoorde lager dan in 2018 in het Badhuis, maar steeg gemeentelijk.

Zie hier de complete stembusuitslagen 2022 voor beide stembureau’s, vergeleken met 2018 (stembureau Badhuis).

Korte geschiedenis van het Badhuis

Ingekleurde foto van het Badhuis uit 1903
www.beeldbankgroningen.nl foto NL-GnGRA_1986_129

Uit oogpunt van hygiëne worden aan het eind van de 19e eeuw in de grotere steden gemeentelijke badhuizen gebouwd. De meeste arbeiderswoningen kenden alleen wc’s buiten de woning en douches komen pas na de Tweede Wereldoorlog in beeld.
Volgens de Nieuwe Groninger Courant van 26 april 1881 wordt vanaf 1 mei de “Gemeentelijke bad- en zweminrichting” geopend, een combinatie van badhuis en zwembad op de plaats die werd aangeduid als “buiten de voormalige A-poort“.

Het baden en zwemmen gebeurde in de open lucht. Openingstijden waren van ’s morgens 5 tot 9 en ’s middags van 12 tot zonsondergang.
Voor vrouwen was het badhuis geopend voormiddags van 9 tot 12 uur. Al na enkele dagen werden de openingstijden aangepast: voor vrouwen bleef het bad op woensdag en zaterdag langer open, van 9 – 3 uur.
Voor de toegang moesten bij het gemeentehuis kaartjes worden gekocht, echter het zuidelijke bad (bij het spoor) was gratis toegankelijk en werd daarom bekend onder de naam “het Loez’nbad“.

Herkomst foto: Fotobedrijf Piet Boonstra,
(www.beeldbankgroningen.nl foto 1785-307)

In de jaren veertig komen er plannen voor een nieuw zwembad, omdat het bad volkomen verouderd en te klein is geworden. Na de opening van het zwembad de Papiermolen wordt medio jaren vijftig het Badhuis gesloten.
Het terrein wordt verkocht aan Niemeyer die het als opslag en parkeerterrein in gebruik heeft tot begin jaren 90. Daarna wordt het terrein gesplitst met tegen het spoor een nieuw kantoor voor Niemeyer met parkeerplaats en rond het Badhuis nieuwbouw en een plein.
Het Badhuis wordt opgeknapt en opgedeeld in 2 huurwoningen en deels als buurthuis in gebruik genomen (1994).
In 2001 besluit de verhuurder woningcorporatie Nijestee het gebouw opnieuw een grote onderhoudsbeurt te geven.

In 2010 besloot de gemeente het badhuis aan te wijzen als gemeentelijk monument. In dit document kunt u meer lezen over de historie van het badhuis en de redenen om het tot monument te benoemen.

#buurthistorie

Over de Badstratenbuurtkrant

In veel wijken verschijnt een gedrukte nieuwsbrief of een krant.
In de badstratenbuurt is jarenlang enthousiast gewerkt aan de Badstratenbuurtkrant.

Het eerste gestencilde nummer verscheen ongeveer in september 1974. Links ziet u de voorkant van dit nummer dat verscheen op het formaat van een dubbelgevouwen A4. Van dit nummer is nog een origineel exemplaar bewaard gebleven. U kunt er hier zelf ook nog even doorbladeren.

De krant volgde in de eerste jaren het studentenleven: nummer 1 van een jaargang verscheen in september, tegen de zomer verscheen het “eindejaarsnummer” .
Vele jaren is er aandacht geweest voor de sloopplannen van de gemeente met de buurt en vervolgens met de mogelijkheden tot opknappen van de huisjes met gemeentelijke subsidies.
Er waren verschillende eetrubrieken, gratis advertenties (“loezebadjes”, genoemd naar het gratis toegankelijke deel van het Badhuis zwembad), betaalde advertenties door buurtwinkeliers, heuse columnschrijvers zoals Saakje Andersverdriet en een historische rubriek. De redactie van de website zal van de nog beschikbare kranten gebruik maken om de geschiedenis af en toe weer wat op te halen. Heeft u nog een oude krant dan willen we die graag scannen om er nog stukken voor de website in onze geschiedenisrubriek op te nemen. Laat het de redactie weten via een mailtje.

In 2008 verscheen het laatste nummer van de hand van redacteur Wout Hoekstra. Dit was nummer 2 van jaargang 33.
Ook die krant kunt u hier nog bekijken.
Daarna zijn er nog enkele papieren nieuwsbrieven verschenen, waarna de buurtvereniging in de laatste nieuwsbrief van juni 2011 aankondigde dat er werd overgestapt naar een digitale nieuwsbrief in combinatie met de al bestaande website.

Hieronder een aantal beelden/artikelen die in oude Badstratenbuurtkranten zijn verschenen:
Over het kunstwerk in het trottoir van de Eeldersingel
Waar komt de naam Marwix vandaan?

#buurthistorie

Plopatou overleden (1938-2017)

Onze markante buurtbewoner Plopatou is niet meer. 

Hij werd in 1938 in het R.K.Z te Groningen geboren als zoon van de heer en mevrouw de Jonge-Becherer en kreeg een imposante rij voornamen (Berthil Cornelis Alex Iwan Pauw). Later werd zijn naam door hemzelf uitgebreid tot B.C.A.I.P. van Hanswijck de Jonge, maar het meest bekend werd en bleef hij onder de naam Plopatou.

Vanaf eind jaren zestig vormde hij met een diverse groep andere jongeren een soort provo kern in de stad. Hij fotografeerde, schreef gedichten, schilderde en werd door zijn uiterlijk met lage haren en gewaden en stevig opgemaakt een bekende Stadjer.
Ook in de lokale politiek speelde hij begin jaren ’70 een rol als oprichter en lijstaanvoerder van de Internationale Partij voor Sex en Oproer, maar de partij haalde bij de gemeentelijke verkiezingen geen raadszetel. Na het vertrek van burgemeester Jos Staatsen in 1991 heeft hij nog zonder succes gesolliciteerd naar de vrijgekomen burgemeesterspost.
Eind jaren tachtig vond er een plotse omslag plaats in de kleding en het kapsel van Plopatou: het lange haar en de zwierige kleding verdwenen en hij werd een keurige heer in keurig pak en strak gekapt, veelal met hoed en paraplu. Enkele jaren later overleed zijn moeder en kwam hij vanuit de Oosterpoort in de Badstratenbuurt bij zijn zoon Wladyslaw wonen. 

Toen zijn zoon naar Den Haag vertrok bleef hij in Groningen, maar ging zeer regelmatig ook naar de residentie om zich daar in diverse zaken te verdiepen. Zowel vanuit Den Haag als thuis in Groningen kwam hij, altijd te voet, nooit zonder een boek of curiosum weer naar zijn woning terug. Deze was zeer afgesloten van de omgeving en werd van buiten met balkondecoraties en verzamelde historische keien aangekleed tot een kleine vesting. 
Vanaf medio jaren zestig gaf Plopatou schriftelijk zijn mening en kennis over diverse zaken in de stad, maar ook over de landelijke politiek en militaire zaken. Regelmatig werden zijn brieven geplaatst in het Dagblad van het Noorden, maar ook veel instanties en  personen werden door hem met lange handgeschreven epistels op ongewenste ontwikkelingen, foute besluiten of interessante historische zaken gewezen. 
In het afgelopen jaar ging zijn gezondheid zichtbaar achteruit en op vrijdag 25 augustus is Plopatou op 78-jarige leeftijd overleden.

 Met dank aan de fotograaf Oliver Verheij voor de hierbij geplaatste foto.

#buurthistorie

Domweg gelukkig aan de Marwixkade

Herinneringen van Willy Hilverda (1)

In 1979 ging ik in Groningen sociologie studeren en kwam terecht in het pas gekraakte Rooms Katholieke Ziekenhuis (RKZ) aan de Verlengde Hereweg. Bijna vier jaar later had ik genoeg van het RKZ en meldde me bij het gemeentelijk huisvestingsbureau waar ik vanaf 1979 stond ingeschreven. Een vriend die in de Eelderstraat woonde, had me getipt dat er op de Marwixkade werd gebouwd, dus dat gaf ik op als eerste voorkeur. 

En zo kreeg ik een tweekamerappartement toegewezen in de Badstratenbuurt. Omdat het bijzondere bouw was – houtskeletbouw – kregen wij, de toekomstige bewoners, in 1983 de sleutels na een vaartocht en openingshandeling van burgemeester Buiter.
Een nieuw en fris huis, daar was ik wel aan toe na dat altijd wat groezelige kraakpand. Ik schilderde de muren wit en kocht licht vinyl. “Het lijkt hier wel een zwembad,” was het commentaar van de mannen die het kwamen leggen. De rode pannenset en de rode keukenhanddoeken die ik bij de Hema had gekocht, boden volgens mij voldoende compensatie voor het zwembadgevoel.
Overburen had ik niet en ik woonde op de eerste verdieping, dus overgordijnen in de woonkamer waren niet nodig. En ’s avonds zat ik graag voor het raam te kijken hoe het licht van de straatlantaarns weerkaatste in het water van het Noord-Willemskanaal.

Pijptabak
‘s Ochtends haalde ik brood bij bakker Bolt op de hoek van de Eeldersingel en Eelderstraat en kocht een Volkskrant bij de tabakszaak op de hoek van de Eelderstraat en de Paterswoldseweg. ’s Middags fietste ik naar de Dreize (aan de Koeriersterweg?) om boodschappen te doen. Op dat tijdstip rook het bij de Niemeijerfabriek aan de Paterswoldseweg altijd naar zoete pijptabak, terwijl ’s ochtends de geur van shag overheerste.
Na alle fietskilometers die ik had afgelegd over de Verlengde Hereweg was ik erg gelukkig met de nabijheid van alles: het station, het Groninger Museum (toen nog op de Praediniussingel), het centrum en vooral: het Stadspark met de kunstijsbaan. Ik werd lid van de IJVG, de IJsvereniging Groningen, en trainde ’s zomers in het park en ’s winters op het ijs.

Aanbidders
In mijn portiek woonden twee stellen met wie ik omging: Helma en Stefan en Bert-Harm en Ellen-Dine. Bert-Harm studeerde voor tandarts en ging, toen hij was afgestudeerd, terug naar de Achterhoek om er een eigen praktijk te beginnen. Stefan, Helma en ik begonnen later een eetgroep met Jannie en Henk die ook in de Badstratenbuurt woonden.
Boven me woonde Elena, een schone Spaanse, die regelmatig bezoek had van aanbidders. Op een winternacht werd ik wakker van geschreeuw buiten, een mannenstem die wanhopig riep: ‘Elena! Elena!’ De volgende ochtend zag ik aan de voetsporen in de sneeuw op het hek van mijn balkon achter dat hij naar haar toe was geklommen.

Meer dan acht jaar heb ik met veel plezier op de Marwixkade gewoond, zat in het bestuur van de Badstratenbuurtvereniging en in de redactie van de Badstratenbuurtkrant. Waarover later meer. Toen ik eind 1991 een baan kreeg bij de Culturele Raad Zuid-Holland verhuisde ik naar Rotterdam.

#buurthistorie

De Badstratenbuurtkrant in de jaren tachtig

Herinneringen van Willy Hilverda (2)

De Badstratenbuurtgroep had in 1983 een wat kwijnend bestaan geleid, maar in 1984 komt er nieuw leven in de brouwerij omdat de gemeente wil dat buurtgroepen verenigingen worden. Dit heeft tot gevolg dat er een aantal buurtbewoners actief wordt en de Badstratenbuurtvereniging opricht. Ik word secretaris van de vereniging en stap in de redactie van de Badstratenbuurtkrant. Verder zitten in de redactie: Wout Veldstra, die het krantje de voorgaande jaren in zijn eentje draaiende heeft gehouden en Ellen-Dine en Helma, twee medebewoners van mijn portiek aan de Marwixkade.
In deze buurtkrant staat, naast een verslag van de ledenvergadering, een interview met beeldend kunstenaar Hans Mes, die het befaamde beeld heeft gemaakt dat bij Bij de Sluis staat: Dreckschnabel. Vanaf het tweede nummer van 1984 staat Dreckschnabel op de voorkant van het blaadje. De oplage is in die jaren 450.

Wrijfletters
Blaadjes maken is dan nog puur handwerk. We typen, knippen, plakken en maken koppen met wrijfletters. Zwarte lijnen worden op het papier geplakt met een soort draad. Erg precies zijn we niet. Het komt regelmatig voor dat letters en lijnen niet helemaal recht op het papier staan. Het knippen en plakken van de buurtkrant doen we in de buurtwinkel, het pand op de hoek van de Eeldersingel en Bij de Sluis. Drukken gebeurt bij Delta, een organisatie waar ook andere buurtkrantjes worden gedrukt. Ook dat vind ik leuk. Moedervellen maken en dan toekijken terwijl de machines drukken, rapen en nieten.

Badstratenbuurtkrant nr 5 (1984)

Beestachtig
In nummer 5 van 1984 schrijf ik een stukje over Jasper van Marwijk, de naamgever van de Marwixstraat, de Marwixkade en de Jaspersgang. Een nogal opvliegend heerschap. In 1985 of 1986 begin ik met de rubriek Beestachtig, waarin ik schrijf over de wederwaardigheden van mijn katten. Mijn hoop is dat andere buurtbewoners ook stukjes gaan schrijven over hun huisdieren, maar het enige wat gebeurt is dat er op een avond een mevrouw bij me aanbelt die vraagt of ik wil collecteren voor de Dierenbescherming. Ik ben immers zo’n dierenvriend. Ik moet haar teleurstellen.
In jaargang 13 nummer 3 plaatsen we voor het eerst een recept, van Stefan, ook wonend in mijn portiek aan de Marwixkade. Vanaf nummer 4 van die jaargang beginnen we met interviews, onder meer met de wijkagent en de brugwachter.


Niemeijerterrein
Een steeds terugkerend onderwerp in de buurtkrant in die jaren is het Niemeijerterrein. Eind 1985 worden de oude gebouwen gesloopt en worden plannen gemaakt voor nieuwbouw. In het bouwteam dat de nieuwbouw begeleidt zitten enkele vertegenwoordigers van de buurt die zich sterk maken voor inspraak van toekomstige bewoners, een aanvaardbaar huurniveau en goed geïsoleerde woningen. Ook willen de buurtvertegenwoordigers dat buurtbewoners voorrang hebben bij de toewijzing van de nieuwe woningen.

Steenhouwerskade
Het eerste nummer van 1988 verschijnt in een extra grote oplage (700 exemplaren), omdat het bestuur van de buurvereniging de bewoners van de Emmasingel en de Steenhouwerskade meer bij de ontwikkelingen van het gebied wil betrekken. Voor een artikel over de geschiedenis van de Steenhouwerskade gaan Helma en ik naar het gemeentearchief waar we het bevolkingsregister en adresboeken raadplegen. Op de kade woonden aan het begin van de negentiende eeuw onder meer blikslagers, steenhouwers, timmerlieden en winkeliers.
In het tweede nummer van 1988 staat, naast het interview met brugwachter Hopman en een artikel over de verbouwing van bakker Bolt tot bruncherie, een artikel met als kop ‘Nieuwbouw Niemeijerterrein valt tegen’. De twee grootste problemen zijn vocht en geluidsoverlast. En de voordeuren hebben nog geen bel. Ook bevat de krant een verslag in van het buurtfeest. Over buurtfeesten meer in een volgend artikel.

Hoe het verder gaat met de Badstratenbuurtkrant weet ik niet, want dit nummer is het laatste wat ik in mijn bezit heb.

[Redactie: lees meer over de buurtkrant en hoe ze verdween in een ander artikel: Over de Badstratenbuurtkrant ]

#buurthistorie

Over de Joodse familie Godfried (Westerbadstraat 31)

Voor het pand Westerbadstraat 31 zijn in de nazomer van 2020 twee Stolpersteine geplaatst als gedenkstenen voor de vanuit dit huis weggevoerde moeder en dochter Godfried. Vanwege Corona was er geen bijeenkomst mogelijk bij de plaatsing. Nazaat Fred Menko heeft onderstaand beeld van de familie geschreven om de stenen met herinneringen te omkleden. Volgend jaar zal hij over zijn familie Menko, waarvan het gezin Godfried onderdeel uitmaakt een boek uitbrengen (#).

# Dit boek is in maart 2022 verschenen bij uitgeverij Boom onder de titel “Veertien kinderen. De oorlogsgeschiedenis van mijn joodse familie”, auteur Fred Menko.

“De familie Menko en de familie Godfried

Mijn grootvader Adolf Menko kwam uit Enschede, hij was getrouwd met Henderika Godfried. Mijn grootmoeder, Henderika Godfried, kwam uit Bedum. Dat leek mij als kind, alleen al door de naam Bedum en omdat mijn oma er vandaan kwam, een lieflijk dorp.
In de oorlog zijn vele familieleden gedeporteerd en vermoord. Mijn grootvader Adolf kwam uit Stad Delden, uit een groot gezin van veertien kinderen. Twee broers zijn een natuurlijke dood gestorven, alle andere broers en zusters en vele van hun nakomelingen zijn in de oorlog gedeporteerd en vermoord. In de oorlog woonden mijn grootouders in Enschede, en daar was een uitgebreid netwerk van verzet, met een leidende rol voor dominee Overduin. Zo hebben zij door onderduik de oorlogsjaren kunnen overleven. Over de familie van mijn opa heb ik een boek geschreven, dat begin 2022 verschijnt: “Veertien kinderen. De oorlogsgeschiedenis van een joodse familie”. Daarin wordt ook het verhaal van de familie Godfried verteld.

De familie Godfried
Mijn oma Henderika Menko-Godfried (1886) had een broer, Nathan (1881) en twee zusters, Henriëtte van Geuns-Godfried (1882) en Jeanne Godfried (1889).
Hun vader Samson Godfried was geboren in Hoogeveen, hun moeder Judith Godfried-Kanstein in de stad Groningen. Zij waren op 10 oktober 1880 in Groningen getrouwd, hij was toen 28 jaar, zij was 24 jaar. Samson Godfried was antiquair (zo werd dit in de familie verteld, er zijn over zijn werk geen documenten bewaard gebleven) zijn vrouw Judith was vroedvrouw. In het Nieuws van de Dag van 15 december 1898 werd bekendgemaakt, dat in Bedum Mej. J. Godfried-Kanstein was benoemd tot gemeente-vroedvrouw.

Vanaf 1923 woonden Samson Godfried en Judith Godfried-Kanstein in de Westerbadstraat 31 in Groningen. Hun dochter Jeanne woonde bij hen op ditzelfde adres.
Uit foto’s, brieven en beschrijvingen komt Jeanne Godfried naar voren als een wilskrachtige vrouw. Zij was zeker ook een warmvoelende vrouw, die zich inzette voor kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking. Destijds werd dit zwakzinnigenzorg genoemd. Jeanne werkte als secretaresse van de Vereniging Zwakzinnigenzorg. In het Nieuwsblad van het Noorden van 19 januari 1935 riep zij op om schoeisel te schenken. Het bericht eindigde als volgt: “Bij voorbaat breng ik u hartelijk dank, omdat het mijn vaste overtuiging is, dat een Groningsche moeder in het bijzonder, aan deze medewerking graag gehoor zal geven. Ook de Redactie dank ik voor haar goede hulp”. Jeanne Godfried, Secretaresse van “Zwakzinnigenzorg”.

Moeder Judith Godfried-Kanstein en dochter Jeanne Godfried
(Foto’s afkomstig van de website JoodsMonument.nl)

De oorlog 
De broer van Jeanne, Nathan, de oudste uit het gezin, was al ver voor de oorlog, in 1920, overleden. Samson Godfried overleed kort voor de oorlog, begin 1940, hij was 87 jaar. Tijdens de bezetting door nazi-Duitsland volgden er steeds meer beperkende maatregelen voor joodse Nederlanders. Uiteindelijk werden zeer velen weggevoerd, eerst naar Westerbork en van daar naar Auschwitz en Sobibor. De meeste gedeporteerden zijn direct na aankomst door gasverstikking vermoord.

Judith Godfried-Kanstein kwam op 87-jarige leeftijd in Westerbork. Zij werd op 6 juli 1943 gedeporteerd naar Sobibor in Polen en direct na aankomst, op 9 juli 1943, om het leven gebracht. Jeanne werd op 7 september 1943 naar Auschwitz weggevoerd, waar ook zij direct na aankomst, op 9 september 1943, om het leven werd gebracht, 53 jaar oud.
Henriëtte van Geuns-Godfried, zuster van Jeanne, en haar man Bernard van Geuns konden onderduiken bij een echtpaar in Jipsinghuizen, en hebben zo de oorlog overleefd. De andere zuster van Jeanne, mijn oma Henderika Menko-Godfried, was ondergedoken bij een dominee in Borne, in de doopgezinde pastorie, haar man, mijn opa Adolf Menko, was ondergedoken in Enschede.

Het Jeanne Godfried huis
In januari 1967 werd aan de Kraneweg 111 het Jeanne Godfried huis geopend, “dat onderdak biedt aan vijftien geestelijk gehandicapte vrouwen en meisjes”. (Nieuwsblad van het Noorden, 27 januari 1967). “Een zuster van Jeanne Godfried, de 84-jarige mevrouw Henriëtte van Geuns-Godfried uit Hoogezand, was een van de vele genodigden”. “Een ontroerend moment was het toen Jeanne Zuidema, kleindochter van Mevrouw H. van Geuns-Godfried, in de eetzaal een foto van wijlen Jeanne Godfried onthulde”. Later is dit tehuis opgegaan in een grotere instelling in de stad Groningen.

De joodse begraafplaats in Selwerd
Op de joodse begraafplaats in Selwerd ligt mijn overgrootvader Samson Godfried begraven. Het is een dubbel graf met een enkele steen: naast hem was een graf gereserveerd voor zijn vrouw, maar dat graf is nooit gebruikt, omdat zijn vrouw naar Polen is weggevoerd en daar is vermoord. (zie foto juni 2021)

Over tante Jeanne en haar ouders werd in onze familie altijd met veel liefde gesproken. Dat ging dan over een wereld, die mij onbekend was, het leven van voor de oorlog.”

Fred Menko

Voor wie meer wil weten of aanvullingen heeft: via de redactie kan contact opgenomen worden met Fred Menko.

#buurthistorie

Het beeld vrouw met twee dolfijnen

In de jaren dertig van de vorige eeuw is in de toenmalige gemeentelijke bad- en zweminrichting aan de Kleine Badstraat een vrouwenbeeld geplaatst, gemaakt door de kunstenaar Bas (Sebastiaan) Galis. Het beeld stond ongeveer midden voor het Badhuis in het deel waarvoor toegang moest worden betaald (zie de bovenstaande uitsnede van de zwembadfoto NL-GnGRA_1785_307 uit de Groninger Archieven). Het betonnen beeld wordt omschreven als vrouw met 2 dolfijnen en is in die jaren een levendig onderdeel van het zwembad (zie de krantenfoto uit 1951).

In de jaren dertig van de vorige eeuw is in de toenmalige gemeentelijke bad- en zweminrichting aan de Kleine Badstraat een vrouwenbeeld geplaatst, gemaakt door de kunstenaar Bas (Sebastiaan) Galis. Het beeld stond ongeveer midden voor het Badhuis in het deel waarvoor toegang moest worden betaald (zie de bovenstaande uitsnede van de zwembadfoto NL-GnGRA_1785_307 uit de Groninger Archieven). Het betonnen beeld wordt omschreven als vrouw met 2 dolfijnen en is in die jaren een levendig onderdeel van het zwembad (zie de krantenfoto uit 1951).

Na de opening van het nieuwe zwembad de Papiermolen werd het bad in onze buurt in 1954 gesloten en is het terrein, inclusief het Badhuis aangekocht door tabaksfabriek Niemeijer. Op het terrein plaatste de firma twee grote opslagloodsen. Na de terugkoop door de gemeente (begin jaren ’90) kwamen er woningen en kreeg Niemeijer er een parkeerplaats en bouwde er een kantoor. Het Badhuis bleef al die jaren staan en was in gebruik als woning voor Niemeijer personeel.

Het beeld werd na de aankoop van het zwembadterrein door directeur Niemeyer geschonken aan de tuinvereniging Piccardthof waar deze dame op verschillende plekken stond opgesteld. De laatste jaren was er geen goede plek meer voor haar en verviel het beeld in slechte staat.

De Badstratenbuurtvereniging heeft contact gezocht met het bestuur van de tuinvereniging die bereid waren het beeld weer terug te schenken aan onze buurt. Vanwege de slechte staat hebben we hulp gezocht voor de verhuizing en mogelijke restauratie bij woningbouwvereniging Nijestee. Die vond de terugplaatsing van het beeld een mooi initiatief en heeft de verhuizing van het beeld georganiseerd. Op donderdag 25 maart 2021 is het beeld door verhuisbedrijf Mast opgehaald bij de Piccardthof en binnen in het Badhuis geplaatst. Met subsidies en sponsoring hopen we het beeld door de firma Cor Buist te kunnen laten restaureren en terug te brengen in de Badstratenbuurt. 

Over de beeldhouwer:

Sebastiaan Ariën Galis (ook wel Seb of Bas genoemd) werd geboren 9 augustus 1890 in Meerssen (Limburg). Zijn vader werkte bij de spoorwegen waardoor het gezin regelmatig verhuisde. Na de geboorte van Sebastiaan verhuisde het gezin naar Groningen waar het bleef wonen. Hij volgde aan de Academie Minerva een opleiding tot edelsmid (1906-1912), trouwde in 1915 met Frietzen Jacobsma en vestigde zich als ‘reparatieatelier voor goud- en zilverwerken’. Ze kregen samen één kind, dochter Wietske (1916). Hij bleef zich artistiek ontwikkelen, studeerde nog een jaar aan de kunstacademie in Brussel en maakte studiereizen naar Parijs en Engeland. Ook volgde hij lessen bij Ploegschilder Jan Wiegers. Naast zijn artistieke werk was hij ook actief in antimilitaristische kringen in de jaren 20 en 30. 
Bij de gevechten tijdens de bevrijding van Groningen in april 1945 ging zijn atelier aan de Burchtstraat verloren. Na de oorlog begon hij opnieuw met beeldhouwen en ook schilderen. Hij maakte verschillende oorlogsmonumenten (grafstenen voor Gerrit Boekhoven en Anda Kerkhoven, monument in Coevorden) en ander beeldhouwwerk (buste Anda Kerkhoven, gevelsteen von Rabenhaupt) en schilderijen. Van zijn edelsmeedwerk zijn geen voorbeelden gevonden.
Sebastiaan Galis overleed 8-6-1981 op 90-jarige leeftijd in een verpleeghuis te Winsum.

Bronnen:
– Wikipedia over Bas Galis
– Groninger Archieven (gegevens over het zwembad en genealogische gegevens)
– oude kranten en tijdschriften via www.delpher.nl 
– RKD (Ned Instituut voor kunstgeschiedenis) – Bas Galis

#buurthistorie